Seizoensgedicht - Bladerbeer

Ga naar de inhoud

Seizoensgedicht

Seizoensgedicht
Lentegedicht 2020
De Nederlandse auteur Bert Schierbeek (1918-1996) maakte deel uit van de beweging van de Vijftigers, samen met schrijvers als Remco Campert, Simon Vinkenoog, Gerrit Kouwenaar en Lucebert. Na de Tweede Wereldoorlog sloot hij zich aan bij de Cobra-groep van beeldend kunstenaars. Hij liet zijn teksten illustreren door onder andere Karel Appel en Lucebert.
In zijn schrijven zocht Schierbeek het experiment, zoals in het associatieve Het boek ik dat in 1951 verscheen en dat vijfentwintig jaar geleden mijn eerste kennismaking was met zijn werk. In diezelfde periode las ik ook de roman Weerwerk (1977), een soort reisverslag met de vogel als verbindend motief waar ik nu het lentegedicht aan ontleen, en De tuinen van zen (1959). In dit essay over het Zen-Buddhisme kom je mooie regels tegen, zoals deze:
‘Rustig zitten, niets doen,
de lente komt en het gras groeit vanzelf’
Bert Schierbeek schreef romans, verhalen, toneelteksten, essays en gedichten, en won vele prijzen,
zoals in 1986 de Hendrik de Vriesprijs, en de Constantijn Huygensprijs in 1991 (beide voor zijn hele oeuvre). De genres waren nooit scherp afgebakend, zoals ook dit ‘gedicht’ laat zien; het is een fragment uit een dialoog tussen twee mannen die terugkijken op hun leven. Deze korte tekst-in-dichtvorm laat me stilstaan bij iets wat vanzelfsprekend lijkt: een vogel vliegt, hij valt niet.
Vogel - Bert Schierbeek
De tekening heb ik gemaakt naar een voorbeeld in het boek Chinees penseelschilderen van Pauline Cherrett (Librero, 2001).
Luister hoe het gedicht klinkt.
Soms blijft een vogel zitten
maar nooit lang
dan tikt ie met zijn vleugels tegen de lucht
en vliegt weg
hij valt niet
hij tikt
en weg is ie
 
 
 
Vossenweg 31 - 6721 BM Bennekom
telefoon 0318 769318
Terug naar de inhoud